Overdenking als voorbeeld

Lieve mensen van de Liefde,
Eén van mijn meest geliefde docenten aan het seminarie in New York, Reverend (oftewel dominee) David Wallace, verzuchtte eens tijdens één van de lesdagen op zijn eigen zo indringende wijze:

If we can just wake up to our true nature…
Then all of this talk about ethics and morals
and how we are going to be together,
it’s done!

Oftewel, als we gewoon eens zouden ontwaken naar onze ware natuur, dan is al dit gepraat over ethiek en moraal en over hoe we samen kunnen leven al een feit!

Het is een van die momenten die mij het meest bijblijven van mijn ervaringen daar. Het zijn een paar woorden, en alles wat ik vandaag met u wil bekijken ligt gevangen in deze paar woorden. In alle simpelheid. Tegelijk een poort naar de complexiteit van ons mensen om dit simpele woord in de praktijk te brengen.

In allerlei tradities en stromingen, vooral in alle mystieke stromingen, speelt de vooronderstelling dat er in ons een puurheid aanwezig is, een kern, een natuur die goed is. Nu snap ik dat dit soms een hekel punt kan zijn… Onder andere in het christendom is er een cultuur en geloof ontstaan dat wij niet moeten of mogen denken dat wij goed zijn. En ook al is er in de vrijzinnige stromingen meer vrijheid ontstaan om dit ook van een andere kant te bekijken, onze geschiedenis, en ik geloof daarmee onze cultuur en wellicht onze genen, zijn doordrenkt van een overtuiging dat wij diep in ons eigenlijk zondig zijn en niet kunnen tippen aan de goedheid van God, of van Haar of Zijn geliefde Jezus die te midden van ons mensen leefde en leeft. En uiteraard, als we die gedachtegang volgen dan is daar veel waarde in te vinden. Daar is niets mis mee. Eén van de positieve uitwerkingen is wel dat wij mensen daardoor minstens aan het twijfelen worden gebracht als wij vanuit ons ego, dat de link met die puurheid kan hebben verloren, allerlei dingen die niet helemaal door de beugel kunnen in de praktijk zouden willen brengen. De overtuiging dat wij zondig zijn weerhoudt ons dan om dat ook werkelijk te doen. En er zijn zeker tijden geweest, en soms nog, dat dit werkte en wellicht zelfs nodig was.

Maar vandaag wil ik met u aan de gang met een vooronderstelling die het tegendeel zegt. De pure natuur van ons mensen is in wezen een goede, wat in zou houden dat als er geen andere invloeden zouden zijn, wij andere keuzes zouden maken in ons leven dan dat we nu vaak doen. Vanuit die goedheid zou als vanzelf goedheid voortkomen. Dat is wie wij zijn, eigenlijk. Sommigen van u kunnen daar vanzelf in mee, anderen zullen hun wenkbrauwen optrekken.
Zoals ik vaak de wenkbrauwen van mijn vader, een protestants predikant, ook geregeld omhoog zag gaan bij dergelijke statements. Het is prima wanneer u die gedachtegang later ook weer oppakt. Die geluiden hebben we ook nodig.
En toch daag ik u uit mijn lijn vandaag even te volgen alsof het om iets gaat waar u nog geen enkele knowhow van heeft.

De tekst van Mattheüs heeft het over talenten. Talenten die geschonken zijn aan de dienaren, terwijl de gever op reis gaat. De talenten worden in beheer gegeven om er het wijze mee te doen. Het verhaal gaat dat twee van de drie dienaren hun talenten goed besteden en de waarde ervan verdubbeld wordt.
De derde dienaar echter begraaft het in de grond en geeft uiteindelijk dat ene talent weer terug.

De talenten, wat hier muntstukken zijn, maar wat ook een verwijzing betreft naar ons begrip talent, duidt op iets van waarde dat de dienaar in beheer heeft.
Het is niet zomaar iets. Het gaat hier om een gelijkenis die doet verwijzen naar God die talenten schenkt aan Zijn mensen. Het goddelijke dat iets van waarde achterlaat in ons mensen, terwijl Hij of Zij zelf niet constant meer de touwtjes in handen heeft over wat ermee gebeurt. Wij mensen krijgen dit in beheer en kunnen het naar ons eigen inzicht gebruiken, inzetten of uitdragen. De intentie waarmee dat gepaard gaat, dat kunnen we zelf bepalen. En het gaat hierbij dan niet enkel om talenten zoals wij ze vaak verstaan; het goed kunnen koken, goed zijn in muziek, in bepaalde hobby’s, etc. Niet dat deze dingen niet van belang zijn en hier niets mee te maken zouden kunnen hebben, maar het gaat mijns inziens om nog diepere waarden. Onze talenten, onze capaciteiten om goed te doen, om beschikbaar te zijn, om mee te dragen waar dat nodig is, om te delen, om lief te hebben, compassie te hebben, zonder oordeel met mensen om te kunnen gaan, om zorg te dragen voor ons zelf, elkaar en ons thuis.

En ja, ik geloof dat wij allemaal die capaciteiten hebben en dat het zelfs onze natuur is. Natuurlijk kunnen we een rijtje van allerlei mensen opnoemen bij wie we ons dit niet kunnen voorstellen. We houden ervan om met extreme voorbeelden die het tegenovergestelde zouden moeten vertegenwoordigen dergelijke gedachten overboord te zetten. Maar toch, neem een persoon in gedachten die in gedrag niet veel goeds in de zin heeft en stel dat die een deur doorloopt, gevolgd door een oudere vrouw die niet meer zo snel ter been is…
Ook dan denk ik dat het instinct vanuit een diepere natuur het onbewust overneemt en deze persoon de deur openhoudt voor die oudere vrouw.
Simpelweg omdat dat de waarheid is die diep in eenieder van ons schuilt. Het dienstbaar zijn waar dat nodig is. Er voor elkaar zijn, het goede doen.

Het is een feit dat wij juist vaak niet handelen vanuit die kwaliteit van het goede en de puurheid in ons. Het is als die Boeddha van klei. Diep in ons die gouden kern, met daaromheen lagen dikke klei om ons te beschermen. Allerlei ervaringen, karakterstructuren, het feit dat wij mensen als enige soort het bestaan kunnen observeren als iets buiten ons, waardoor we ook God als buiten ons kunnen ervaren, werken mee aan die kleilaag. We zijn bang geworden onze kwetsbaarheid te laten zien, onze puurheid. Het vraagt lef om daar anders mee om te gaan. Om te laten gebeuren hoe Kahlil Gibran het ons vandaag vertelde:

Stilzwijgend kent uw hart de geheimen der dagen en nachten.
De verborgen bron van de ziel moet opwellen en murmelend naar de zee vlieten;
En de schat van uw eindeloze diepten moet zich openbaren aan uw blik.

Wij worden in alle wijsheidstradities annex religies opgeroepen te graven naar deze geheime schoonheid diep in ons. Naar God in ons. Ervan uitgaande dat God in alles is, dat heel het bestaan uit God voortkomt en dat God de Essentie is die dit leven doet leven, dan is het ook God in ons die ons leeft. Wij leven niet zelf, het is het grootste geschenk met een diepe goedheid. Dat wij leven, dat iets ons Leven geeft, of dat iets ons leeft.

Juist ook in de tijd waarin wij nu leven is het van belang dat serieus te nemen.
Er is een zorgwekkende situatie aangebroken. Wij mensen hebben die situatie gecreëerd omdat we verleerd zijn om vanuit die puurheid in ons, God door ons heen, nieuwe goedheid te laten ontstaan zonder daar met ons ego invloed op uit te willen oefenen. We creëren oorlog, honger, ongelijkheid, geweld, onderdrukking, pijn, lijden, en dan heb ik het nog niet eens over de schade aan de natuur, aan ons thuis: de aarde. En langzaam (en eigenlijk niet eens meer zo langzaam) maar zeker hollen we door, richting een moment dat het echt niet verder kan. De rek is eruit en het komt op ons, onze generaties, aan of we het tij kunnen keren.

Het is niet voor niets dat juist in deze tijd steeds meer geluiden de kop opsteken dat het anders moet. Neem het Manifest voor de Compassie, enkele weken geleden wereldwijd bekendgemaakt, waarin wij opgeroepen worden terug te keren naar de compassie. Het manifest geeft richtlijnen voor gedrag, maar eigenlijk gaat het om het terugkeren naar de puurheid in ons. Om die vanzelfsprekende reactie van de deur openhouden voor iemand anders. Zonder erbij na te denken wie de ander is, of die in onze ogen wel deugt, of die niet vreemd is, andere gewoonten heeft, ons misschien ooit iets aangedaan zou kunnen hebben, ons doet denken aan iemand anders, etc. Maar gewoon, omdat die mens geleefd wordt door dezelfde goedheid die mij Leeft. Omdat die ander deel uitmaakt van dat ene totale lichaam van dit Bestaan, uit God, uit goedheid voortkomend.

Zo vaak gooien we figuurlijk gezien de deur toch dicht voor de neus van de ander, of van de natuur, opdat onze eigen egobehoeftes veiliggesteld zijn.
Opdat wij het grote geld verdienen, wij als eerste ergens aan bod komen, wij het welzijn mee mogen krijgen. Maar hoe meer wij enkel op onze egobehoeftes uit zijn, des te verder raken we van huis. Des te verder komen we van deze goede kern in ons, van God in ons, te staan. We zijn ons ego, voortkomend uit die lagen van klei, als godheid gaan beschouwen en alles doen en laten we daarvoor. Maar is dat werkelijk de keuze die we willen maken? Als er een goedheid in ons woont die God heet, willen we Haar dan werkelijk zo verlaten?
Willen wij dan werkelijk de ander die daar ook deel van uit maakt, deel uit maakt van ons eigen bestaan, zo verloochenen? Ik geloof niet, echt niet, dat ons geluk daarin zit. Die mensen die mystici worden genoemd en het pad gekozen hebben om constant zich te blijven openen naar die goedheid in henzelf, hun ogen spreken van diep geluk! Kent u dat ook? Of maken wij onszelf wijs dat geluk van die eenheid te kennen, opdat we er niet echt aan hoeven?

Ik weet… er is lef voor nodig, moed om tegen de grote zichtbare stroom in te gaan om de – zo het lijkt – meer onzichtbare stroom van ons hart, die van de goedheid, te ontdekken en ons daarop mee te laten voeren. Het is een behoorlijk gevarieerd pad om echt te volgen met vele aspecten. Dat pad begint wanneer wij ons serieus gaan afvragen hoe we dit pad kunnen volgen. Daarin lijkt de vraag die ik vandaag als thema bovenaan zette een mooie leidraad…
Wat zou de Liefde doen? Zoals in de muziek waarmee we begonnen en waarmee we ook zullen eindigen vandaag benoemd werd. Op alle momenten waarop we keuzes kunnen maken weer en weer de vraag stellen wat de Liefde zou doen. Want die goedheid in ons is de pure Liefde, zonder redevoeringen, maar gewoon de energie van de Liefde. In combinatie met het leren kennen van ons zelf. Het leren kennen, stap voor stap, van onze kleilaag, om vervolgens verder te kunnen graven door de klei heen naar die kern van Liefde. Steeds weer, wanneer we het niet gevonden lijken te hebben, stilte creëren en enkel ons afvragen: “En nu, wat zou de Liefde doen?” “Wat zou God doen?” Het is de directe doorgang naar die kern die in ons allemaal gelijk is. U heeft die kern net zoveel als ik die heb, als de buurman, als onze vrienden en zogenoemde vijanden, de mens met u in deze kerk, alsook de mens tijdens een ritueel in het bos, als de moslim biddend naar Mekka, alsook de atheïst of ietsist.

Wat mij ook brengt tot een volgende en laatste punt dat ik als Interspiritueel Voorganger in hart en nieren niet na kan laten te benoemen. Ervan uitgaande dat alle wijsheidstradities annex religies ontstaan zijn vanuit één of enkele mystieke mensen, die de kunst dus verstonden dit pad naar die kern van Liefde in ons te bewandelen, dan houdt dat dus in dat het waar is wat het Manifest voor de Compassie zegt. Dit manifest roept op om (onder andere)

  • compassie (voortkomend vanuit de Liefde) opnieuw te maken tot de kern van religie en van moreel handelen.

Dus houdt het in dat al die verschillende religies juist ons de aanwijzingen willen geven, vanuit de mystieke kern van al deze religies en tradities, dat pad naar die pure kern van Liefde te vinden en te bewandelen. Steeds weer vanuit een ander gezichtspunt beschrijft het waar we dit pad kunnen en zullen vinden.
En als we welwillend zijn goed te kijken en te luisteren kunnen we ontdekken dat het geen echte tegenstrijdigheden zijn die zij soms lijken te verkondigen, maar de ene keer vanuit het noorden belicht, de andere keer vanuit een der andere richtingen.

Het Manifest voor de Compassie zegt ook: we dienen terug te keren naar het oude principe dat iedere interpretatie van geschriften die aanzet tot geweld, haat of minachting geen enkele legitimiteit heeft.

Er wacht in deze tijd waarin wij leven dus een uitdaging om ook wat betreft de verschillende religies en tradities te durven graven naar de uitleg, betekenis en pad of paden naar die ene kern van de onvoorwaardelijke Liefde en Compassie.
Simpelweg, omdat dit Bestaan, omdat God ons nodig heeft op dat juist pad.
We kunnen niet langer dwalen zoals we gedaan hebben.

Vandaag is het tweede advent. De aankondiging van het Licht der Wereld. Van een geboorte. En eigenlijk is het heel mooi dat dit samenvalt met dit thema van vandaag. Want het gaat om de aankondiging, de hoop, het geloof in de geboorte van die goedheid en puurheid door ons zelf heen. Jezus vond dat pad al lang vóór ons en laat ons door Zijn leven zien hoe ook wij dat pad wel degelijk kunnen vinden. Het pad naar de goedheid, naar de puurheid en de Liefde in ons, naar de aanwezigheid van God in ons en door ons heen, van waaruit alleen goedheid voort kan komen. Als we het de kans willen geven.

En zo zal het zijn
Oftewel… Amen